Zelfspot 45+

grappig paard
Foto Pixabay

Overal lees je het: veel bewegen (10.000 stappen per dag), geen alcohol, stoppen met roken, gezond eten. Overal hoor je het. Ik wéét het intussen wel. En ik geef toe: ik zondig. Nee, ik ben niet verslaafd aan alcohol en ja, ik kan gemakkelijk enkele dagen zonder. Maar het is gewoon lekker en een beetje teut zijn in je hoofd is bovendien plezant. Beweging is een andere zaak. Ik ben gewoonweg lui geworden. Ik hou van zitten. En als ik al eens de moeite doe om te bewegen dan doet het pijn. Vooral de dag nadien en zeker twee dagen later. En ja, dan komt er een moment dat je toegeeft: ik moet er eens iets aan doen.

Ooit was ik heel sportief. Mensen die me nog kennen van vroeger zullen het beamen. Rond mijn 14de levensjaar sportte ik zowat 18 uur per week of meer. Ik zat bijna elke dag op mijn paard, tenniste enkele keren per week, ging af en toe joggen en deed ook nog heel wat sport op school. Netbal, turnen, volksdans (is dat ook een sport?), atletiek en zwemmen ja ja! Bij de nonnekes in Heverlee was er een hele infrastructuur voor sport, zelfs een zwembad. Hoeveel baantjes zou ik daar niet getrokken hebben… Hoe ik die sportieve drijfveer met de jaren ben kwijtgeraakt weet ik niet. Kinderen gekregen zeker? Ik herinner me dat ik er vanaf toen bijna niet meer aan toekwam.

Langzaamaan, met de jaren, ben ik afgezakt naar een bijna vegetatieve toestand op het gebied van lichaamsbeweging. Daar moest nu dringend verandering in komen! Ik ging weer paardrijden! Jarenlang droomde ik daar al van want is er iets dat ik ooit liever heb gedaan? Ik denk het niet. Geen dressuur, jumping of wedstrijden meer, nee, gewoon gaan wandelen in de natuur met af en toe eens een drafje of een pasje galop. Nu, bijna dertig jaar later was de tijd er rijp voor…

Elke spier in mijn lichaam, elk vezeltje, elke eiwitmolecule deed pijn.

Ik zocht een geschikte manege en boekte een uur les. Hoe ik op dat paard ging geraken wist ik niet want ze hadden een reus voor me klaar staan. Gelukkig was er een meisje dat spontaan aanbood om ‘het trapje’ voor me te gaan halen. Deuh, zie ik er dan echt al zo oud uit? Dankzij het trapje sprong ik met een zwier op het paard

en ja hoor… het voelde als zwemmen of autorijden, je verleert het nooit. Een half uur later zag ik zo rood als een tomaat en liet ik mijn paard af en toe gewoon stappen omdat ik niet meer kon. Hoe kon het zo erg gesteld zijn met mijn conditie?

Hoe ik op dat paard ging geraken wist ik niet want ze hadden een reus voor me klaar staan.

De volgende dag was een hel. En de dag daarna was nog erger dan de hel. Elke spier in mijn lichaam, elk vezeltje, elke eiwitmolecule deed pijn. Vooral de binnenkant van mijn dijen en mijn achterste waren er erg aan toe. Jeetje. Het leek wel of Union (de naam van het paard in kwestie) ook thuis nog aanwezig was en mijn benen in o-vorm waren blijven staan. Twee weken later ging ik terug. Ik nam een half uur privéles want een uur was te veel, zeker op zo’n houten manegepaard (die zijn echt niet zacht!). De pijn achteraf was iets minder, maar toch nog merkbaar aanwezig.

Ik was nu helemaal klaar om voor het eerst weer een buitenrit te maken. Ik kreeg deze keer een ander paard toegewezen, een iets minder hoge versie… oef! We gingen twee uur op wandeling met bestemming strand. Daar droomde ik al jaren van, nog eens in galop op het strand, door de branding, je haren in de wind. Ik kwam van een kale reis thuis. Om te beginnen: rijden zonder helm is niet meer toegestaan. Geen wapperende haren dus, maar een zwetend hoofd in een niet zo frisse helm van de manege. Het duurde drie kwartier voor we eindelijk op het strand waren en daar bleven we ongeveer 10 minuten. Daarna volgde dezelfde rit in omgekeerde richting, terug naar de manege.

Onderweg werd er stevig gereden, veel draf en galop, ik liet geen kik (ervaren ruiter als ik was) maar het kostte me moeite om het paard in toom te houden, mooi in het zadel te blijven zitten zonder bonken en te doen alsof ik helemaal niet buiten adem was. Of ik het leuk vond? Nee. Buiten die tien minuten op het strand was er amper natuur te bespeuren. We galoppeerden tussen de duinen en de kusttram, passeerden rode lichten, huizen, wegenwerken en auto’s. Dankjewel Vlaanderen. Dit was geen fun. De volgende dag nog minder en de dag daarna nog veel minder. Ga ik ooit nog paardrijden?

Meer lezen zoals dit? Lees dan mijn blogartikel Mijn vriendinnen, de overgang en ik.

4 comments
Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.