Onvoorbereid naar Normandië

Mont-Sint-Michel

Geloof het of niet, maar tot voor kort was ik nog nooit in Normandië geweest. Ideaal om er nu naartoe te gaan in dit coronatijdperk. Donderdagavond beslist, meteen een goedkope gîte geboekt via het wereldwijde web en de volgende drie dagen op pad, onvoorbereid. Dat vind ik ook het leukste als ik ergens nog nooit geweest ben: me gewoon laten verrassen. Het nadeel is natuurlijk dat je leuke plekken mist, maar het geweldige voordeel is de onbevangenheid waarmee je naar de dingen kunt kijken, als een klein kind. Pas op, als ik een reis maak die wat prijziger is en waar ik misschien maar één keer in mijn leven naartoe kan, dan bereid ik me wel voor. Meestal lees ik in een gids onderweg naar de bestemming, soms pas als ik al ter plekke ben. Maar voor Normandië: totalement non préparé.

Van Brugge naar Honfleur: 385 km zegt de kilometerteller. Bijna aangekomen verrast de immense Pont de Normandie over de Seine me, met een totale lengte van meer dan 2 kilometer en een majestueus uitzicht. Uit de radio schalt ‘Happy’ van Pharrell Williams wat ik luidkeels meezing. Vakantie, hell yeah!

honfleur fleurt je op

Honfleur is natuurlijk een van de toeristische trekpleisters van Normandië en dat zullen we geweten hebben. Corona heeft hier blijkbaar geen paniek gezaaid want de terrassen op de kades van le Vieux Bassin met de typische vakwerkhuizen zitten stampvol.

Na moules-frites in L’Ostrea en een aangenaam gesprek met een kunstzinnige heer die zijn tafel aan ons afstaat, is het tijd om te flaneren. Dat is niet moeilijk in de pittoreske straatjes van deze kleine havenstad. Smalle geplaveide steegjes, toffe boetiekjes, veel kunstgalerijen, prachtige gevels en de zon, wat wil een mens nog meer…

Langs de monding van de Seine met zicht op Le Havre wandelen we via de promenade naar het kleine strand en passeren Le Jardin des Personnalités. Een prachtig park, ingehuldigd in 2004, met bustes van beroemdheden die verbonden zijn met Honfleur zoals Claude Monet, Françoise Sagan en Erik Satie. Het park doet me een beetje denken aan de tuinen van Monet in Giverny die ik ook nog moet bezoeken: bruggetjes, een vijver met waterlelies, prachtige bloemen overal om je heen. Honfleur is dan ook de stad waar de kunstschilders Courbet, Boudin en Monet de wisselende kleuren van de omgeving vastlegden in impressionistische werken.

Naast Eugène Boudin zag in Honfleur nog een ander talent het levenslicht: Erik Satie, componist en pianist, bohemien en zonderling. We passeren zijn geboortehuis en hoewel ik een grote fan ben van zijn muziek schijnt de zon te mooi om het museum ‘Maison Satie’ te bezoeken, ik heb geen zin in weer dat mondmasker… Volgens mijn zoon, dé drummer, is het museum nochtans de moeite waard. Waarvoor ik dan toch zwicht is een boetiekje ‘La Petite Robe’ vol met zomerse kleedjes in alle maten, lengtes, patronen en kleuren. Ik koop er twee. Ja, ik ben een vrouw.

Honfleur

Zicht op de Mont-Saint-Michel

Die avond is het doorsteken naar de westkust van Normandië, want we verblijven in La Bretonnière in Dragey, op 2 kilometer van de zee. Vanuit onze goedkope kamer hebben we zicht op de Mont-Saint-Michel en de paarden van de boerderij. Nadat we onze spullen in de kamer hebben gegooid, gaan we op zoek naar een restaurant. Het is hier opvallend rustig in de omgeving, maar we vinden toch een strandrestaurant in Saint-Jean-Le-Thomas, Le jardin des Dunes. Pure gok, maar het restaurantje valt goed mee, de bediening is vriendelijk en de keuken eenvoudig maar verzorgd.

De tweede dag staat de Mont-Saint-Michel op de planning. We zijn verwittigd dat het toeristisch en druk is, maar – dank je wel corona – het is er bij aankomst vrij rustig. De parking is nog bijna leeg en de wandeling ernaartoe, over een grote brug, is puur genieten van het landschap en het uitzicht. Mont-Saint-Michel is een sprookjesachtig eiland met bovenop een grote abdij, een beeld dat tot de verbeelding spreekt. Het is naast toeristische trekpleister ook een belangrijk bedevaartsoord, sinds 1979 geklasseerd als UNESCO werelderfgoed. Daarnaast is het een getijdeneiland. Bij laagwater valt de zeebodem droog, bij hoogwater is het eiland ingesloten door de zee. Vroeger was het enkel over land bereikbaar bij laagwater, maar tegenwoordig loopt er dus een brug voor voetgangers, shuttlebusjes en paard en kar naar het eiland.

Mont-Sint-Michel
Mont-Sint-Michel
Mont-Sint-Michel
Wadden
Wadden

Omdat de baai vlak is en het water makkelijk blijft staan, ontstaan er plekken met drijfzand, des lises. Wie te voet over de wadden naar het eiland wil, kan dus best met een gids gaan. De Mont Saint-Michel is overigens met zijn vele trapjes alleen toegankelijk voor voetgangers. Eens de poort van het ‘dorpeiland’ binnen moet het mondmasker aan en krijg ik plots een déjà vu; de winkeltjes met religieuze souvenirs doen me zo denken aan de winkels en kraampjes in Scherpenheuvel aan de basiliek waar ik als kind kwam, hatelijk vind ik die ‘bazaar’ en de sfeer er rond. Wat verderop is het toch aanschuiven in sommige straatjes en dan weet ik: één keer en nooit meer. De uitzichten zijn wel mooi en de steegjes pittoresk… toch ben ik vooral gecharmeerd door de meeuwen. Betalen voor een bezoek aan de abdij? Vergeet het. Weg zijn wij!

Meeuw

Die middag eten we iets op een gezellig pleintje in het charmante Avranches, nabij het oude kasteel en Le Jardin des Plantes en besluiten dan nog eens naar de kust te gaan, in de buurt van onze verblijfplaats. Eerder toevallig komen we terecht in Saint-Pair-Sur-Mer, een gezellig plekje aan zee,  waar ik graag eens een week alleen zou doorbrengen… met een boek in een huis met zicht op zee. Op het strand is er een natuurlijk zwembad dat zich bij vloed vult met zeewater en ik kan me voorstellen dat het hier in normale zomers druk is. Nu lijken we hier alleen te zijn in een spookdorpje.

De avond eindigt in mineur want we rijden een das aan die plots voor onze wagen springt. Het gewonde dier is natuurlijk doodsbang en sukkelt met zijn verwondingen (we denken een gebroken poot) de sloot in en huppelt dan weg. Ik vind het vreselijk niet te kunnen helpen en pink een traan weg.

DEAUVILLE OF TROUVILLE?

Als ‘echte’ Parijzenaars een dagje uitwaaien aan zee in het chique Deauville, we willen weleens zien hoe dat gaat… De laatste dag is dit een prima stop op de terugweg. De parel aan de Côte Fleurie staat bekend om enkele beroemde attracties: een renbaan, een casino, een golfbaan en natuurlijk ook de luxueuze villa’s, hotels en chique boetieks. Het strand is dan weer populair door de strandcabines met namen van sterren (acteurs, componisten, enz.) die ooit Deauville bezochten en de houten ‘Promenade des Planches’ waar je in stadskledij over het strand loopt.

Strandcabines Deauville

Zoals in de tijd van Coco Chanel ademt Deauville ook nu nog elegantie en stijl uit. Mijn oog valt echter meteen op de overkant van de rivier waar het veel gezelliger oogt. Wat ik nog niet weet, is dat die overkant een andere plaats is, namelijk Trouville-sur-Mer. Via een pad over de bodem van de rivier de Touques komen we aan de overkant, wel tegen betaling van een euro. Stoere vissersboten liggen hier op het droge te pronken. Hier moet je zijn voor goedkopere restaurantjes en leuke terrassen. Oesters, mosseltjes, bulots en langoustines… met een glaasje champagne erbij, heerlijk. Oesje… een leugentje. Net zoals mijn vader is er één ding dat ik niet lust: oesters ofte snottebellen.
Trouville-sur-Mer is aangenaam en gezellig, maar het verkeer uit de stad houden hebben ze hier nog niet geleerd. Vanop de terrasjes snuif je heerlijk de walmen op van de voorbijrijdende Porsches gevuld met rijk volk.

Trouville

Tot daar de eerste, onvoorbereide uitstap naar Normandië en het grote besef dat ik hier terug moet komen om die gemiste kansen:
– bezoek/degustatie aan het ‘Musée du Camembert’
– bezoek/degustatie aan een calvadosdistileerderij
– de ciderroute
– Rouen, de hoofdstad van de Haute-Normandie
– de witte kliffen bij Etretat
– Giverny met het huis en de tuinen van Claude Monet
– Caen, de moderne en bruisende stad
– de landingsstranden van D-Day

Honfleur is mijn grote aanrader voor romantische zielen (comme moi) en tijdens het opruimen van spulletjes van mijn overleden papa vind ik een mapje vol met herinneringen aan Honfleur. Hij kwam er ook heel graag, blijkt nu.

Nog suggesties voor Normandië? Laat me het zeker weten via een reactie hieronder (klik op de knop ‘view comments’).

Praktisch

Verblijf in een gîte met paardenboerderij
  • La Bretonnière (goedkope gîte: 71 euro per nacht voor een kamer met ontbijt, sober maar net)
Meer informatie

https://www.ville-honfleur.com/

http://www.musees-honfleur.fr/maison-satie.html

http://nl.normandie-tourisme.fr

https://www.manche-toerisme.com/springtij

https://be.france.fr/nl/normandie/article/mont-saint-michel-weer-een-eiland

https://www.unesco.nl/nl/erfgoed/mont-saint-michel-en-zijn-baai

https://www.mairie-deauville.fr/

Kaart Onvoorbereid naar Normandië

Meer lezen over Frankrijk? Lees dan mijn blogartikels ‘Luxueus logeren in de Aveyron‘ of ‘Op ontdekking in de Bourgogne‘.

2 comments
  1. Heerlijk!
    Wij zijn net terug van een kleine trip naar Opaalkust.
    Bedoeling was om eveneens naar Dieppe en Honfleur te rijden…
    Maar omdat we deze keer ECHT niets voorbereid hadden lieten we het helemaal aan het lot over.

    Heerlijk genoten van rust, natuur en adembenemende krijtrotsen in Cayeux-sur-Mer, Ault, Groffliers…

    Volgende keer hoop ik stiekem op nog meer van deze Echte onvoorbereide tripjes.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

You May Also Like